Stuur me geen bloemen

Seizoen: 
1967-1968

eens niet over het stuk...

Iemand onverhoeds in het water duwen in de overtuiging dat het slachtoffer dan onmiddellijk wel zal leren zwemmen, zonder eerst zijn tijd te moeten verliezen met theoretische beschouwingen of oefeningen op het droge, dat is een leermethode die door menig zwempedagoog met een zeker scepticisme zou worden onthaald.

Toch was dat ongeveer wat Herman Bogaert met de Reynaertghesellen heeft uitgericht wanneer hij ze van bij de allereerste herhaling zomaar dadelijk de planken opstuurde met volledige verwaarlozing van de traditioneel heilige lezingen waarbij de spelers, rustig rond de tafel gezeten, hun tekst vanaf het boekje debiteren. Waarom heeft hij het risico willen lopen dat onze Reynaertzwemmers hierdoor misschien wel hadden kunnen verdrinken?

Omdat hij als regisseur vindt dat bij toneel in het algemeen de tekst volledig in functie staat van het spel; omdat dit geschreven proza moet groeien tot een levende dialoog, wat alleen kan gebeuren onder invloed en door middel van een uit het spel ontstane situatie. Bloemen was voor Herman Bogaert een uitstekende gelegenheid om deze methode toe te passen, omdat precies dit stuk zo vol zit van bij wat in het boekje staat eigenlijk niet zo belangrijk is, of althans niet zo diepzinnig is om er een voorafgaande studie te moeten aan wijden.

Daarom ook zal Herman Bogaert zelden tijdens een herhaling onderbreken om een speler een bepaalde houding, een gebaar, een speelmanier op te leggen: omdat hij in zijn spelers hoofdzakelijk individuen ziet, met hun persoonlijkheid, karakter, tics, enzovoort, en hij die spelers dus ook, op een eigen, persoonlijke manier wil laten reageren op een bepaalde dramatische situatie. Primordiaal is voor hem dat hij voor alles de mens in de speler achterhaalt, om eventueel, wanneer de zelfkennis van de acteur te kort schiet: te kunnen corrigeren: dat zou jij, Kristien, René enzovoort in het dagelijkse leven nooit zò zeggen, doen. Geen robottoneel maar menselijk spel.

Dat alles om u ook eens een blik te gunnen achter de schermen, in feite nog voor die schermen er staan; opdat u ook eens een kijkje zou hebben op de manier waarop zoiets groeit.

En het stuk zelf? Dat moet u zien. Erover praten kunt u straks. In Malpertuus misschien?

Dramatis Personae: 

auteur: Norman Barash en Caroll Moore
vertaling: Shireen Strooker

regisseur: Herman Bogaert
regie-assistentie: Christiane Wauters

cast: Kristin Heyligers, René Gijsemberg, Hugo Symons, André Gille, Herman Haesendonck, Gies Paradijs, Sus Garmyn, Luc Symons, Luk Reynaert, Mik Timperman en Alice Fannes

souffleuse: Mimi Poot
techniek: Paul Wouters en Willy Gemoets
decor: Raf Vandervelde

 

Speeldata: 

Zaterdag 4, zondag 5 en maandag 6 november 1967.
De voorstellingen starten steeds om 20u. De voorstellingen van zaterdag 4 november starten om 15u en om 20u.

Locatie: 
Stadsschouwburg

Actieve leden