Morgen kan het te laat zijn

Seizoen: 
1967-1968

Ze hadden veel samen.

Zij die een overtuiging hadden, die door hun zelfrespect en hun beginselvastheid in conflict kwamen met lafheid, onrecht en verraad. Ze heetten Christus, Luther, Thomas Moore, Trosky, Che Guevara, ...

In het stuk van Herwig Hensen zijn het Harry Benning en zijn zoon, Tom. Ook zij worden geconfronteerd met een probleem van alle tijden: de enkeling die zicht te weer stelt tegen het geweld en tegen de maatschappij, die geen waarden - zoals trouw aan de evenmens en zin voor rechtvaardigheid - wenst te erkennen. Het is een zware opgave voor de mens, op zoek naar zijn waardigheid. De mens die mens wil zijn, volop, in alle consequenties.

De auteru situeert zijn stuk rond de jaren 1950 in New York. Maar het geval - de fabel zegt Herwig Hensen - is eerder bij bijkomend belang. Wie nader toekijkt, ontdekt dat dit ogenschijnlijk gewoon fait-divers, zoals wij die bijna dagelijks in een krant kunnen lezen, een symbolische kracht bezit. De fabel wordt opgetrokken in het tijdeloze.

He stuk komt als een waarschuwing naar ons toe. Het probleem van Tom is het probleem van ons allen. Misschien gaat wij niet vrijuit. Ook bij ons vecht de lafheid vaak met wat wij weten onze opdracht te zijn. Zoals bij die Romeinse soldaat...

Dramatis Personae: 

auteur: Herwig Hensen

regisseur: Hein Nackaerts
regie-assistentie: Christiane Wauters

cast: Paul Maes, Maria Conings, Herman Azijn, Juliette Sempels, Herman Haesendonck, Mimi Poot, Jos Coeckelberghs, Magda Sterckx, Octaaf Duerinckx, Gies Paradijs, André Gille, Raf Donvil en René Gijsemberg

souffleuse: Janin Vranckx
techniek: Paul Wouters, Willy Gemoets en Pieter Verlinden
decor: Hein Nackaerts en Luk Reynaert

 

Speeldata: 

Zaterdag 2 en zondag 3 maart 1968
De voorstellingen starten steeds om 20u.

Locatie: 
Stadsschouwburg

Actieve leden